ECLI:NL:CBB:2004:AQ9872
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.A. van der Ham
- C.J. Borman
- J.L.W. Aerts
- Rechtspraak.nl
College van Beroep verklaart klacht tegen accountant ongegrond wegens ontbreken tuchtrechtelijk verwijt
Appellant diende een klacht in bij de raad van tucht tegen een accountant over diverse punten, waaronder onjuiste prognoses, ongelukkige formuleringen in rapportages, het voorleggen van een financieringsaanbod, slordigheden in verslaglegging, het gebruik van het factuurstelsel bij omzetbelasting en een te hoog honorarium.
De raad van tucht verklaarde de klacht ongegrond. Appellant stelde beroep in bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven, dat het beroep behandelde op basis van stukken en zittingen waarbij appellant niet verscheen.
Het College oordeelde dat de accountant in november 1997 een redelijke prognose had opgesteld, dat de rapportage van mei 1998 ondanks ongelukkige formuleringen niet tuchtrechtelijk verwijtbaar was, en dat het voorleggen van het financieringscontract zonder uitgebreide waarschuwing niet tot een verwijt kon leiden. Slordigheden waren ondergeschikt en hadden geen nadelige gevolgen.
Verder was het gebruik van het factuurstelsel gerechtvaardigd en was er geen sprake van onzorgvuldige declaraties die de eer van de beroepsgroep zouden schaden. Het beroep werd daarom verworpen en de klacht ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt verworpen en de klacht tegen de accountant wordt ongegrond verklaard.