ECLI:NL:CBB:2004:AP1372
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- D. Roemers
- M.J. Kuiper
- E.J.M. Heijs
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke afwijzing S&O-verklaring klassieke veredeling niet onrechtmatig
Appellante diende een aanvraag in voor een S&O-verklaring voor klassieke veredelingswerkzaamheden in 2003, welke werd afgewezen op grond van een gewijzigde Afbakeningsregeling die klassieke veredeling uitsloot van de regeling. De wijziging was ingevoerd om bezuinigingen door te voeren en was vooraf aangekondigd, maar formeel pas na de indieningstermijn gepubliceerd.
Appellante voerde aan dat de wijziging willekeurig en in strijd met het doel van de Wva was, dat zij niet tijdig op de wijziging kon anticiperen en dat het rechtszekerheids- en vertrouwensbeginsel was geschonden. Tevens stelde zij dat de wijziging onvoldoende gemotiveerd was.
Het College oordeelde dat de minister op grond van de Wva bevoegd was om werkzaamheden uit te sluiten en dat de Afbakeningsregeling niet in strijd was met de wet. Verder was er geen sprake van willekeur of schending van rechtszekerheid en vertrouwen, mede omdat de wijziging was aangekondigd en het belang van bezuiniging zwaar woog. Ook was de motivering van het besluit voldoende.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de S&O-verklaring voor klassieke veredelingswerkzaamheden wordt ongegrond verklaard.