ECLI:NL:CBB:2004:AO7841
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- W.E. Doolaard
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen aanwijzing KPN als aanbieder met aanmerkelijke marktmacht op huurlijnenmarkt
KPN verzocht om een voorlopige voorziening om de niet-geschorste onderdelen van het besluit van OPTA van 27 maart 2002, waarin KPN werd aangewezen als aanbieder met aanmerkelijke marktmacht (AMM) op diverse deelmarkten van de huurlijnenmarkt, te schorsen totdat OPTA een nieuwe beslissing op bezwaar zou nemen. Dit verzoek volgde op een eerdere uitspraak van de rechtbank Rotterdam die het besluit op bezwaar vernietigde wegens ondeugdelijke motivering en onvoldoende onderzoek.
De voorzieningenrechter van het College oordeelde dat OPTA de aanwijzing op de markt 2 Mb internationaal terecht had ingetrokken en dat geen schorsing van deze intrekking nodig was. Voor de overige markten achtte de voorzieningenrechter onvoldoende aannemelijk dat de aanwijzing onmiskenbaar onjuist was. KPN kon haar stellingen over een fors verlies aan marktaandeel onvoldoende met objectieve gegevens onderbouwen, terwijl OPTA recente cijfers had die geen significante verschuivingen lieten zien.
Verder overwoog de voorzieningenrechter dat het belang van KPN bij schorsing moet worden afgewogen tegen het belang van marktwerking en concurrentie. Gezien de onzekerheid over de uitkomst van het hoger beroep en nader onderzoek achtte de voorzieningenrechter schorsing niet gerechtvaardigd. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek van KPN om voorlopige voorziening tegen de aanwijzing als AMM-houdster op de huurlijnenmarkt is afgewezen.