ECLI:NL:RVS:2026:514
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet-betaling griffierecht bij inschrijving politieke aanduiding
Het beroep van de politieke groepering ORDA richt zich tegen het besluit van het centraal stembureau van Amsterdam om hun verzoek tot inschrijving van de aanduiding 'ORDA/Oranje Republikeinse Piraten' op de kandidatenlijst voor de gemeenteraadsverkiezingen van 18 maart 2026 buiten behandeling te stellen.
ORDA werd bij brief op 21 januari 2026 gewezen op de verschuldigdheid van het griffierecht, met de eis dat dit uiterlijk op 22 januari 2026 om 10:00 uur moest zijn bijgeschreven op de rekening van de Raad van State. Deze betaling heeft niet binnen de gestelde termijn plaatsgevonden.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat niet is gebleken van omstandigheden die het verzuim van ORDA rechtvaardigen. Op grond van artikel 8:41 van Pro de Awb en de specifieke bepalingen in de Kieswet wordt het beroep daarom niet-ontvankelijk verklaard.
De uitspraak bevestigt het belang van tijdige betaling van griffierechten bij bestuursrechtelijke procedures en benadrukt de strikte toepassing van termijnen in verkiezingsprocedures.
Uitkomst: Het beroep van ORDA wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig betalen van het griffierecht.