ECLI:NL:RVS:2026:4251
Raad van State
- Hoger beroep
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bewaring vreemdeling door minister na beroep rechtbank
Op 1 juni 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld. Appellant heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die op 19 juni 2026 het beroep ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
Appellant ging in hoger beroep bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het hoger beroep beoordeeld en vastgesteld dat de nieuwe Opvangrichtlijn (EU) 2024/1346 inhoudelijk geen zwaardere toets introduceert dan de oude richtlijn. Er was geen aanleiding om prejudiciële vragen te stellen aan het Hof van Justitie.
De Afdeling ziet geen reden om de bewaring onrechtmatig te achten en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de bewaring en verklaart het hoger beroep ongegrond.