ECLI:NL:RVS:2026:417
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- B.P. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting in asielprocedure
Verzoeker heeft bij de minister van Asiel en Migratie een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke bij besluit van 28 september 2025 is afgewezen. Na een tussenuitspraak van de rechtbank die de minister de gelegenheid gaf het besluit te herstellen, heeft de minister het besluit aangevuld. De rechtbank heeft vervolgens het beroep van verzoeker gegrond verklaard en het besluit vernietigd, waarbij de rechtsgevolgen van het besluit in stand bleven.
Verzoeker stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen, zodat hij niet uitgezet zou worden voordat op het hoger beroep is beslist en hij opvang en verstrekkingen zou ontvangen. De voorzieningenrechter heeft dit verzoek gehonoreerd, verwijzend naar eerdere jurisprudentie, en bepaald dat verzoeker niet mag worden uitgezet zolang het hoger beroep loopt.
Daarnaast is de minister veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker, een bedrag van € 934,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De uitspraak is gedaan op 23 januari 2026 door voorzieningenrechter B.P. Vermeulen.
Uitkomst: Verzoeker mag niet worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de minister moet proceskosten vergoeden.