ECLI:NL:RVS:2026:3716

Raad van State

Datum uitspraak
26 juni 2026
Publicatiedatum
25 juni 2026
Zaaknummer
BRS.26.003126
Instantie
Raad van State
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
  • N. Verheij
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 AwbArt. 8:83 AwbDublinverordening
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag

Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd om te voorkomen dat zij wordt uitgezet voordat op het hoger beroep tegen de afwijzing van haar asielaanvraag is beslist, en om opvang en verstrekkingen te ontvangen.

De voorzieningenrechter oordeelt dat het niet aannemelijk is dat de uitspraak van de rechtbank zal worden vernietigd. De minister heeft de verantwoordelijkheid van Kroatië voor de behandeling van het verzoek om internationale bescherming vastgesteld op grond van de Dublinverordening. De overdrachtstermijn aan Kroatië verloopt op 2 juli 2026.

De overdracht heeft geen onomkeerbare gevolgen, omdat bij een latere vaststelling van Nederlandse verantwoordelijkheid appellant vanuit Kroatië kan worden teruggeleid. Daarom wordt het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen en hoeft de minister geen proceskosten te vergoeden.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en appellant wordt niet beschermd tegen uitzetting.

Uitspraak

BRS.26.003126
Datum uitspraak: 26 juni 2026
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht), met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van die wet, hangende het hoger beroep van:
[verzoeker], mede voor haar minderjarige kinderen
verzoeker,
tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Groningen, van 19 juni 2026 in zaak nr. NL26.18079 in het geding tussen:
[verzoeker], mede voor haar minderjarige kinderen
en
de minister van Asiel en Migratie.
Procesverloop
Bij besluit van 31 maart 2026 heeft de minister een aanvraag van appellant om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.
Bij uitspraak van 19 juni 2026 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard.
Tegen deze uitspraak heeft verzoeker hoger beroep ingesteld. Ook heeft zij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
Overwegingen
1.        Verzoeker heeft de voorzieningenrechter verzocht de voorlopige voorziening te treffen dat zij niet wordt uitgezet voordat op het hoger beroep is beslist en dat zij opvang en verstrekkingen krijgt.
2.        Gelet op wat is aangevoerd, is naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter niet aannemelijk dat de uitspraak van de rechtbank zal worden vernietigd. Gelet op de belangen die de minister en appellant naar voren hebben gebracht, treft de voorzieningenrechter geen voorlopige voorziening, hoewel de hogerberoepstermijn nog niet is verstreken. Daarbij betrekt de voorzieningenrechter dat de verantwoordelijkheid van Kroatië voor de behandeling van het verzoek om internationale bescherming is vastgesteld op grond van de Dublinverordening en dat de overdrachtstermijn op 2 juli 2026 verstrijkt. De overdracht van appellant aan Kroatië heeft verder geen onomkeerbare gevolgen. Mocht uiteindelijk blijken dat Nederland verantwoordelijk moet worden geacht voor de behandeling van het verzoek om internationale bescherming, dan kan appellant vanuit Kroatië worden teruggeleid naar Nederland.
3.        Het verzoek wordt afgewezen. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Beslissing
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. N. Verheij, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. S. Nederhoff, griffier.
w.g. Verheij
voorzieningenrechter
w.g. Nederhoff
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 26 juni 2026
918