ECLI:NL:RVS:2026:3665
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. ten Veen
- C.J. Borman
- C.H. Bangma
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan en omgevingsvergunning Koggenland - Luitje Broekemastraat wegens onvoldoende parkeeronderzoek
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft bij uitspraak van 24 juni 2026 het bestemmingsplan "Koggenland - Luitje Broekemastraat 2024" en de daarbij behorende omgevingsvergunning vernietigd. Dit naar aanleiding van een eerdere tussenuitspraak waarin de raad werd opgedragen een gebrek in het besluit te herstellen.
Het bestemmingsplan voorziet in de bouw van twee appartementencomplexen met sociale en middeldure huurwoningen en een maatschappelijke voorziening, inclusief een parkeerplaats die ook de nabijgelegen sportschool bedient. De raad had aanvankelijk onvoldoende onderbouwd dat het plan niet zou leiden tot onaanvaardbare parkeeroverlast, omdat het parkeerterrein al volledig benut werd en de berekende parkeerbehoefte hoger was dan het aantal beschikbare plekken.
Ter uitvoering van de tussenuitspraak voerde de raad een nieuw parkeerdrukonderzoek uit in januari 2026, waarbij op meerdere dagen en tijdstippen werd geteld. Dit onderzoek toonde aan dat er voldoende parkeerplaatsen beschikbaar zijn, ook met de uitbreiding van het parkeerterrein. Appellanten maakten geen gebruik van de mogelijkheid tot het indienen van zienswijzen tegen deze aanvullende motivering.
Desondanks vernietigt de Afdeling het bestemmingsplan en de omgevingsvergunning wegens strijd met artikel 3:46 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, maar behoudt zij de rechtsgevolgen van deze besluiten zodat de ontwikkeling kan doorgaan. De raad en het college van burgemeester en wethouders van Purmerend worden verplicht de betaalde griffierechten aan appellanten te vergoeden.
Uitkomst: Het bestemmingsplan en de omgevingsvergunning worden vernietigd wegens onvoldoende onderbouwing van de parkeerdruk, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.