ECLI:NL:RVS:2026:3479
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning bouwen woning ondanks privacybezwaar en toekenning schadevergoeding wegens termijnoverschrijding
Het college van burgemeester en wethouders van Rucphen verleende op 1 april 2022 een omgevingsvergunning voor het bouwen van een woning en het aanleggen van een uitrit op een perceel in St. Willebrord. Appellanten, wonend direct achter de nieuwe woning, maakten bezwaar vanwege privacyzorgen. Het college stelde een voorschrift in dat ramen aan de achterzijde op de eerste verdieping voorzien moesten zijn van ondoorzichtige folie. De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten ongegrond, waarna zij hoger beroep instelden bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat het college terecht een omgevingsvergunning kon verlenen met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, aanhef en onder a, onder 2°, van de Wabo, in samenhang met artikel 4 van Pro bijlage II van het Bor. De bezwaren over de kwalificatie van delen van het gebouw als hoofdgebouw of bijbehorend bouwwerk werden verworpen. Ook was er geen sprake van een evidente privaatrechtelijke belemmering die de vergunningverlening in de weg stond. De Afdeling bevestigde dat het college de belangen zorgvuldig had afgewogen, mede gelet op het bestemmingsplan dat de bouw van een woning toestaat.
Verder werd het verzoek om intrekking van de vergunning afgewezen, omdat de vraag of in strijd met de vergunning is gebouwd niet aan de orde is in deze procedure. Wel werd vastgesteld dat de redelijke termijn voor de procedure met ruim twee maanden was overschreden. De Staat werd veroordeeld tot betaling van een forfaitaire schadevergoeding van € 500,00, te verdelen over appellanten. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning bevestigd, met toekenning van een schadevergoeding wegens termijnoverschrijding.