ECLI:NL:RVS:2026:2908
Raad van State
- Hoger beroep
- W. den Ouden
- J.C.A. de Poorter
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek overname private schuld op grond van Wet hersteloperatie toeslagen
Appellant, een gedupeerde ouder van de kinderopvangtoeslagaffaire, had een schuld van €48.000 bij ING Bank en sloot een geldleningsovereenkomst van €35.000 met een bedrijf om deze schuld af te lossen. De Belastingdienst/Toeslagen wees het verzoek tot overname van deze schuld af omdat het een informele schuld betrof die niet was vastgelegd in een notariële akte of rechterlijke uitspraak.
De rechtbank bevestigde dit standpunt en wees het beroep van appellant af, waarbij werd geoordeeld dat de onderhandse akte onvoldoende bewijs vormde en de ingebrekestelling niet verifieerbaar was. Appellant stelde in hoger beroep dat de hardheidsclausule toegepast moest worden omdat de schuld en opeisbaarheid voldoende waren aangetoond met authentieke documenten.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat zich een bijzondere situatie voordeed waarin de onderhandse akte, ingebrekestelling en bankafschriften samen een consistent en betrouwbaar bewijs vormden. De Afdeling vernietigde het vonnis van de rechtbank en het besluit van de minister, en wees het verzoek van appellant toe. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het verzoek van appellant tot overname van zijn private schuld aan het bedrijf wordt toegewezen en het eerdere besluit wordt vernietigd.