ECLI:NL:RVS:2026:12
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing niet in behandeling nemen verblijfsvergunning asiel
Appellanten hebben bij besluiten van 25 september 2025 verzocht om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, maar de minister van Asiel en Migratie heeft deze aanvragen niet in behandeling genomen. Hiertegen hebben appellanten beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die op 4 december 2025 de beroepen ongegrond verklaarde.
Appellanten gingen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling heeft het hoger beroep beoordeeld en geoordeeld dat de rechtbank terecht en op goede gronden tot haar oordeel is gekomen. De motivering van de rechtbank is overgenomen en het hoger beroep is ongegrond verklaard.
De Afdeling benadrukt dat het hogerberoepschrift geen nieuwe vragen bevat die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming, zodat geen nadere motivering nodig is. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond.