ECLI:NL:RVS:2025:958
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bewaring vreemdeling door Raad van State in hoger beroep
De minister van Asiel en Migratie stelde de vreemdeling bij besluit van 3 februari 2025 in bewaring. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank, die op 17 februari 2025 het beroep ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, vertegenwoordigd door een advocaat. De Afdeling heeft de motivering van de rechtbank overgenomen en oordeelt dat het hoger beroep geen nieuwe vragen bevat die voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling beantwoord moeten worden.
De Afdeling ziet geen reden om de bewaring onrechtmatig te achten en verklaart het hoger beroep ongegrond. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en de minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.