ECLI:NL:RVS:2025:6429
Raad van State
- Hoger beroep
- N.H. van den Biggelaar
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep wegens tijdig beslissen inzageverzoek AVG
Op 25 december 2023 heeft appellant een inzageverzoek ingediend bij het college van burgemeester en wethouders van Lisse op grond van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) met betrekking tot een factuur van een advocatenkantoor. Het college heeft op 5 januari 2024 een besluit genomen en een kopie van de factuur toegestuurd. Appellant stelde dat het college niet tijdig had beslist en diende op 26 januari 2025 een formulier in voor een dwangsom wegens niet tijdig beslissen. Het college wees de ingebrekestelling af.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant niet-ontvankelijk, omdat het college volgens haar tijdig had beslist. De rechtbank oordeelde dat de vermelding van gemeente Teylingen in het besluit een kennelijke verschrijving was, aangezien beide gemeenten deel uitmaken van dezelfde werkorganisatie. Appellant maakte geen bezwaar tegen het besluit, wat voor zijn rekening kwam.
In hoger beroep betoogde appellant dat het besluit niet rechtsgeldig was omdat het was genomen door een onbevoegd bestuursorgaan en dat de fout niet ten laste van hem mocht komen. De Raad van State oordeelde dat appellant geen nieuwe gronden had aangevoerd die de gemotiveerde uitspraak van de rechtbank onjuist maken. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 31 december 2025.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep bevestigd.