ECLI:NL:RVS:2025:6383
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging gebiedsontzegging Vlissingen wegens groepshandelen en geweld tegen politie
De burgemeester van Vlissingen legde appellant een gebiedsontzegging op voor het uitgaansgebied van Vlissingen vanwege langdurige betrokkenheid bij groepsvorming en groepshandelen tegen personen met een publieke taak, wat leidde tot onrust en onveiligheid. De maatregel volgde op een bestuurlijke rapportage waarin onder meer intimidatie en fysiek geweld tegen politieagenten werden beschreven.
De rechtbank oordeelde dat de burgemeester terecht de gebiedsontzegging oplegde, waarbij de bestuurlijke rapportage als voldoende aannemelijk bewijs werd beschouwd. De rechtbank vond dat de ernst en frequentie van de incidenten, waaronder het geweld op 28 augustus 2022, een directe maatregel rechtvaardigden. De onschuldpresumptie speelde geen rol omdat de maatregel een herstelmaatregel betreft.
In hoger beroep voerde appellant aan dat de rapportage onbetrouwbaar was en dat de politie zich schuldig maakte aan etnisch profileren. Ook stelde hij dat eerst een waarschuwing had moeten worden gegeven en dat de onschuldpresumptie wel degelijk van toepassing was. De Raad van State verwierp deze gronden, bevestigde de motivering van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de gebiedsontzegging en verklaart het hoger beroep ongegrond.