ECLI:NL:RVS:2025:6361
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Weigering omgevingsvergunning voor hekwerk binnen groenbestemming Rotterdam bevestigd
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam weigerde een omgevingsvergunning voor het legaliseren van een hekwerk van circa 37 meter breed en 1,6 meter hoog op een perceel met de bestemming 'Groen'. Het hekwerk is volgens het bestemmingsplan niet toegestaan omdat het niet past binnen de toegestane doeleinden van de groenbestemming. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Raad van State bevestigt dit oordeel in hoger beroep.
De Afdeling bestuursrechtspraak overweegt dat het hekwerk in strijd is met het bestemmingsplan omdat het niet past bij het toegestane gebruik van de gronden binnen de bestemming 'Groen'. Het college heeft de afwijkingsbevoegdheid niet toegepast omdat het hekwerk stedenbouwkundig niet aanvaardbaar is en niet voldoet aan de redelijke eisen van welstand, zoals bevestigd door een negatief advies van de welstandscommissie. De door appellant overgelegde second opinion leidt niet tot een ander oordeel.
Appellant stelde dat er sprake is van een bestendige lijn om dergelijke hekwerken toe te staan en dat de weigering in strijd is met het gelijkheidsbeginsel, het verbod van willekeur en het vertrouwensbeginsel. De Afdeling oordeelt dat er geen vaste gedragslijn is en dat het college beleidsruimte heeft bij de belangenafweging. Ook is geen ontoelaatbare inbreuk op het eigendomsrecht vastgesteld. Het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn wordt toegewezen voor € 500,00. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de omgevingsvergunning voor het hekwerk en wijst het hoger beroep af.