ECLI:NL:RVS:2025:6318
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag overname private schuld toeslagenaffaire wegens niet-opeisbaarheid
Een gedupeerde van de toeslagenaffaire heeft bij de minister een aanvraag ingediend voor overname van haar private schuld bij ABN AMRO, een rekening-courantkrediet van €44.708 voor haar eenmanszaak. De minister wees deze aanvraag op 9 februari 2023 af omdat de schuld niet opeisbaar was wegens het ontbreken van betalingsachterstanden. Dit besluit werd in bezwaar en door de rechtbank bevestigd.
De appellant stelde dat de schuld te allen tijde opeisbaar was op grond van de Algemene Bepalingen voor het Ondernemers Krediet (ABOK) en dat het vertrouwensbeginsel in haar voordeel sprak vanwege eerdere mededelingen van de minister. De Raad van State oordeelde dat de schuld pas opeisbaar wordt bij opzegging en dat er geen betalingsachterstanden waren. De informatie van ABN AMRO bevestigde dat het krediet niet was opgeëist.
Verder kon appellant niet redelijkerwijs uit het besluit van 18 januari 2023 afleiden dat de minister de schuld onvoorwaardelijk zou overnemen, mede omdat in dat besluit werd vermeld dat sommige schulden niet of slechts gedeeltelijk worden afbetaald. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde omdat de minister bevoegd was het eerdere besluit te herzien en appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij hierdoor onrechtmatig werd benadeeld.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de aanvraag tot overname van de private schuld wordt bevestigd.