ECLI:NL:RVS:2025:597
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van bewaring vreemdeling door Raad van State in hoger beroep
De minister van Asiel en Migratie heeft op 27 december 2024 besloten de vreemdeling in bewaring te stellen. De vreemdeling heeft tegen dit besluit beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die op 15 januari 2025 het beroep ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Bij de beoordeling van het hoger beroep heeft de Raad van State vastgesteld dat het hogerberoepschrift geen vragen bevat die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming in algemene zin. Daarom was geen nadere motivering vereist.
De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond. Hiermee blijft het besluit tot bewaring van de vreemdeling in stand.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt het besluit tot bewaring en verklaart het hoger beroep ongegrond.