ECLI:NL:RVS:2025:5715
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag verblijfsvergunning asiel na niet-in-behandeling-neming
Op 14 augustus 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. Appellant heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die op 23 oktober 2025 het beroep ongegrond verklaarde.
Appellant stelde vervolgens hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het hoger beroep beoordeeld en de motivering van de rechtbank overgenomen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het hoger beroep geen nieuwe vragen bevat die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming, zodat geen nadere motivering nodig is. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.