ECLI:NL:RVS:2025:5670
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting in asielzaak
Verzoeker heeft een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend, die door de minister op 14 augustus 2025 is afgewezen. De rechtbank verklaarde het daarop ingestelde beroep op 18 november 2025 ongegrond. Verzoeker stelde vervolgens hoger beroep in en verzocht om een voorlopige voorziening om uitzetting te voorkomen en opvang en verstrekkingen te verkrijgen.
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het hoger beroep nader onderzoek vereist en dat de procedure voor voorlopige voorziening niet geschikt is om het hoger beroep inhoudelijk te behandelen. Daarom werd een voorlopige voorziening getroffen die verzoeker beschermt tegen uitzetting totdat het hoger beroep is beslist.
Daarnaast werd de minister van Asiel en Migratie veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker, ter hoogte van € 907,00, die geheel toe te rekenen zijn aan beroepsmatige rechtsbijstand verleend door een derde partij.
Uitkomst: Verzoeker wordt beschermd tegen uitzetting totdat het hoger beroep is beslist en de minister wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.