ECLI:NL:RVS:2025:5637
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting in asielprocedure
Verzoeker heeft bij de minister van Asiel en Migratie een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke op 13 juni 2025 is afgewezen. De rechtbank Den Haag heeft bij uitspraak van 17 oktober 2025 het beroep van verzoeker tegen deze afwijzing ongegrond verklaard. Verzoeker stelde vervolgens hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overweegt dat verzoeker niet wordt uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist, mede gelet op de belangen en eerdere jurisprudentie. Tevens wordt de minister veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker, bestaande uit kosten van rechtsbijstand door een derde.
De uitspraak is gedaan op 21 november 2025 door mr. J.M. Willems, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. D.I. van Kesteren, griffier. De voorlopige voorziening biedt verzoeker bescherming tegen uitzetting en waarborgt opvang en verstrekkingen gedurende de procedure.
Uitkomst: Verzoeker wordt niet uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en de minister moet proceskosten vergoeden.