ECLI:NL:RVS:2025:5332
Raad van State
- Hoger beroep
- A.B. Blomberg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking omgevingsvergunning hotelbouw wegens niet-tijdig gebruik en erfpachtweigering
In 2013 sloten China Center Amsterdam en het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een intentieovereenkomst voor de ontwikkeling van een hotel met parkeervoorzieningen in drie fasen. Fase 1 werd gerealiseerd, maar voor fase 2 en 3 verleende het college niet tijdig een omgevingsvergunning, waardoor deze op 29 januari 2019 van rechtswege werd verleend. Het college startte een Bibob-onderzoek vanwege integriteits- en financiële risico's en besloot uiteindelijk de benodigde erfpachtuitgifte voor fase 3 te weigeren en de omgevingsvergunning op 20 juli 2021 in te trekken wegens niet-tijdig gebruik.
China Center Amsterdam maakte bezwaar tegen de intrekking, maar het college handhaafde het besluit. De rechtbank oordeelde dat het college redelijk gebruik had gemaakt van zijn bevoegdheid tot intrekking, mede omdat China Center Amsterdam niet aannemelijk had gemaakt de vergunning binnen korte termijn te benutten en geen civiele procedure was gestart tegen de erfpachtbeslissing. In hoger beroep stelde China Center Amsterdam dat de integriteitsrisico's wel een rol hadden gespeeld en dat het college onvoldoende rekening had gehouden met haar financiële belangen.
De Afdeling bestuursrechtspraak verwierp deze bezwaren. Zij oordeelde dat de intrekking uitsluitend gebaseerd was op het niet-tijdig gebruik en de toerekenbaarheid daarvan aan China Center Amsterdam vanwege gebrek aan medewerking aan het Bibob-onderzoek. Ook was het college bevoegd de vergunning in te trekken omdat de erfpachtuitgifte was geweigerd en de vergunning daardoor niet benut kon worden. De financiële belangen van China Center Amsterdam wogen niet zwaarder dan het belang van het college om de vergunning in te trekken. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de intrekking van de omgevingsvergunning wegens niet-tijdig gebruik en weigering erfpacht.