ECLI:NL:RVS:2025:4245
Raad van State
- Hoger beroep
- M.J.M. Ristra-Peeters
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing niet in behandeling nemen aanvraag verblijfsvergunning asiel
Op 11 juli 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie besloten een aanvraag van appellant om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen. Appellant heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die op 19 augustus 2025 het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde appellant hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling heeft het hoger beroep beoordeeld en concludeert dat de rechtbank terecht en op goede gronden tot haar oordeel is gekomen. De motivering van de rechtbank wordt overgenomen, waarbij wordt opgemerkt dat het hogerberoepschrift geen nieuwe vragen bevat die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming. Daarom is geen nadere motivering vereist.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd. Tevens is bepaald dat de minister geen proceskosten hoeft te vergoeden. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 5 september 2025.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond.