ECLI:NL:RVS:2025:3722
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning asiel na onvoldoende motivering minister
Bij besluiten van 31 oktober 2024 wees de minister van Asiel en Migratie de aanvragen van betrokkenen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde deze beroepen gegrond en vernietigde de besluiten, waarbij zij de minister opdroeg nieuwe besluiten te nemen met inachtneming van de uitspraak.
De minister stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, terwijl betrokkenen incidenteel hoger beroep instelden. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de minister de beoordeling van de situatie in Jemen, zoals opgenomen in het beleid en de Kwalificatierichtlijn, niet deugdelijk had gemotiveerd. De rechtbank had dit terecht overwogen.
Het hoger beroep van de minister en het incidenteel hoger beroep van betrokkenen werden ongegrond verklaard. De Afdeling bevestigde daarmee het vonnis van de rechtbank. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van betrokkenen voor de schriftelijke uiteenzetting in het hoger beroep.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de vernietiging van de afwijzing van de asielaanvragen en veroordeelt de minister tot proceskostenvergoeding.