ECLI:NL:RVS:2025:3500
Raad van State
- Hoger beroep
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning asiel na onvoldoende motivering minister
De minister van Asiel en Migratie wees op 26 november 2024 de aanvraag van betrokkene om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. Betrokkene stelde beroep in bij de rechtbank, die op 22 april 2025 het besluit vernietigde wegens onvoldoende motivering van de minister, met name omtrent de beoordeling van de humanitaire situatie in Jemen en de toepassing van artikel 15 van Pro de Kwalificatierichtlijn.
De minister ging in hoger beroep bij de Raad van State, die op 29 juli 2025 oordeelde dat het hoger beroep ongegrond is. De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde dat de minister niet alle relevante omstandigheden voldoende heeft meegewogen en dat de rechtbank terecht het besluit vernietigde.
De minister werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van betrokkene, die verband houden met de beroepsmatige rechtsbijstand. Hiermee blijft de uitspraak van de rechtbank in stand en moet de minister een nieuw besluit nemen met inachtneming van de motiveringseisen.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.