ECLI:NL:RVS:2025:3308
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning asiel na hoger beroep
Appellant heeft bij besluit van 28 maart 2023 een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid is afgewezen.
De rechtbank Den Haag heeft bij uitspraak van 13 juni 2025 het beroep van appellant tegen deze afwijzing ongegrond verklaard. Appellant stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het hoger beroep en het verzoek om voorlopige voorziening behandeld. De voorzieningenrechter concludeerde dat de rechtbank terecht en op goede gronden tot haar oordeel was gekomen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.