ECLI:NL:RVS:2025:3228
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging omgevingsvergunning wegens onvoldoende motivering geluidbelasting en onduidelijk voorschrift
Het college van burgemeester en wethouders van Bergen verleende op 7 juli 2021 een omgevingsvergunning voor het wijzigen van het gebruik van twee bedrijfswoningen in burgerwoningen. Deze vergunning werd vernietigd door de rechtbank na beroep van een naastgelegen tuincentrum, dat vreesde voor beperkingen in haar bedrijfsvoering door geluidsoverlast. Het college verleende de vergunning opnieuw op 23 mei 2025 met gewijzigde voorschriften, maar ook dit besluit werd aangevochten in hoger beroep.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het college onvoldoende had gemotiveerd waarom werd afgeweken van de VNG-richtafstand voor geluid, omdat het geluidsonderzoek ontbrak en de nabijheid van de koelcel direct aan de woning niet was onderzocht. Het aanvullende voorschrift dat een geluidwerende maatregel moest worden getroffen was onvoldoende specifiek en onduidelijk, waardoor het rechtszekerheidsbeginsel werd geschonden.
De Afdeling bevestigde het oordeel van de rechtbank, verklaarde het hoger beroep van appellante ongegrond, maar verklaarde het beroep van de buurpartij gegrond en vernietigde het besluit van 23 mei 2025. Het college moet een nieuw besluit nemen met een duidelijk en afdwingbaar voorschrift voor het waarborgen van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van de buurpartij.
Uitkomst: Het besluit tot verlening van de omgevingsvergunning van 23 mei 2025 wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en onduidelijkheid in het voorschrift.