ECLI:NL:RVS:2025:295
Raad van State
- Hoger beroep
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van ontruimings- en inreisverbodbesluit vreemdeling door Raad van State
De minister heeft op 6 november 2025 een besluit genomen waarbij de vreemdeling is opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten, een inreisverbod is opgelegd en vreemdelingenbewaring is ingesteld. De vreemdeling heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die op 22 november 2024 het beroep ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze afdeling heeft het hoger beroep behandeld en geoordeeld dat de rechtbank terecht en op goede gronden tot haar oordeel is gekomen. De motivering van de rechtbank wordt overgenomen en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.
De Afdeling ziet ook geen reden om de vreemdelingenbewaring ambtshalve onrechtmatig te achten. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en de minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak is gedaan door een enkelvoudige kamer van de Raad van State op 29 januari 2025.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.