ECLI:NL:RVS:2025:2699
Raad van State
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens intrekking door reëel besluit Dienst Toeslagen
Appellante had bij de rechtbank beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar bezwaar tegen een besluit van 18 februari 2022. Tijdens het hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak nam de Dienst Toeslagen op 22 oktober 2024 alsnog een besluit waarin op het bezwaar werd beslist. Hierdoor was het doel van het hoger beroep bereikt en had appellante geen belang meer bij een inhoudelijke beoordeling.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk en veroordeelde de Dienst Toeslagen tot vergoeding van de proceskosten van appellante, inclusief het griffierecht. Tevens werd het beroep tegen het besluit van 22 oktober 2024, voor zover dat betrekking had op het bezwaar tegen het besluit van februari 2022, verwezen naar de rechtbank.
Appellante had gesteld dat de rechtbank abusievelijk tweemaal griffierecht had geheven, maar dit werd niet bewezen. Zij werd geadviseerd zich hiervoor tot de rechtbank te wenden. De Afdeling motiveerde haar beslissing met het feit dat een reëel besluit was genomen waardoor het hoger beroep zijn doel verloor.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard omdat de Dienst Toeslagen tijdens het beroep een reëel besluit nam, waardoor het doel van het hoger beroep was bereikt.