ECLI:NL:RVS:2025:2174
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Bevestiging last onder dwangsom wegens niet afgifte hond na bijtincidenten
In deze bestuursrechtelijke zaak gaat het om een last onder dwangsom die de burgemeester van Leiden heeft opgelegd aan appellant vanwege het niet afgeven van zijn hond Tarzan. Na meerdere bijtincidenten, waaronder een waarbij een andere hond overleed, werd appellant verplicht de hond af te geven. Omdat hij hieraan niet voldeed, werd een dwangsom opgelegd.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit en stelde dat hij de hond al meer dan drie jaar niet meer in bezit had, en dat de burgemeester onvoldoende onderzoek had gedaan, zoals het uitlezen van de chip of inspectie van zijn woning. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond omdat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat hij niet meer over de hond beschikte en de bestuurlijke rapportage over de bijtincidenten betrouwbaar was.
De Raad van State bevestigt deze uitspraak in hoger beroep. De Afdeling oordeelt dat appellant onvoldoende overtuigend is in zijn betoog en dat het aan hem was om de hond af te geven. De burgemeester hoefde niet te twijfelen aan de betrokkenheid van de hond bij de incidenten, ook al was geen chipcontrole uitgevoerd. De invordering van de dwangsom wordt daarmee gehandhaafd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de last onder dwangsom wordt bevestigd.