ECLI:NL:RVS:2025:2000
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting en toekenning opvang in asielzaak
Op 15 januari 2025 wees de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. Verzoeker stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 24 april 2025 het beroep ongegrond verklaarde. Verzoeker ging in hoger beroep en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwoog dat verzoeker niet mag worden uitgezet zolang het hoger beroep loopt en dat zij recht heeft op opvang en verstrekkingen. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker, die geheel toe te rekenen zijn aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
De uitspraak werd gedaan op 30 april 2025 door voorzieningenrechter A.J.C. de Moor-van Vugt, waarbij griffier N.S. Koelman aanwezig was. De voorlopige voorziening beschermt de belangen van verzoeker gedurende de procedure en waarborgt haar verblijf en ondersteuning.
Uitkomst: Verzoeker mag niet worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de minister moet proceskosten vergoeden.