ECLI:NL:RVS:2025:1888
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bewaring vreemdeling en afwijzing schadevergoeding door Raad van State
De minister van Asiel en Migratie stelde appellant op 20 maart 2025 in bewaring. Appellant stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank, dat op 8 april 2025 ongegrond werd verklaard, inclusief afwijzing van het verzoek om schadevergoeding.
Appellant ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze afdeling nam de motivering van de rechtbank over en oordeelde dat het hoger beroep geen nieuwe vragen bevatte die beantwoording behoefden in het belang van rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming.
De Afdeling zag geen reden om het besluit tot bewaring onrechtmatig te achten en verklaarde het hoger beroep ongegrond. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en de minister werd niet veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen de bewaring wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.