ECLI:NL:RVS:2024:916
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring hoger beroep bomenstichting tegen omgevingsvergunning kap en verplanting bomen Europalaan Noord Utrecht
Het college van burgemeester en wethouders van Utrecht verleende op 16 oktober 2023 een omgevingsvergunning voor het kappen van 112 bomen, het verplanten van 13 bomen en het herplanten van 143 bomen in het kader van de herinrichting van de Europalaan Noord. De Utrechtse Bomenstichting maakte bezwaar en stelde beroep in tegen dit besluit. De rechtbank Midden-Nederland verklaarde het beroep gegrond vanwege onvoldoende motivering over het kappen van 49 bomen en schorste het besluit deels.
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft in hoger beroep het besluit van het college getoetst. De bomenstichting voerde onder meer aan dat het college het afstandscriterium uit het gemeentelijk handboek onredelijk toepaste en onvoldoende inzicht gaf in de belangenafweging, met name over de ruimtelijke waarde van de bomen en mogelijke alternatieven voor de herinrichting.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het afstandscriterium onderdeel uitmaakt van het beoordelingskader en dat het college dit voldoende heeft gemotiveerd. Wel stelde de rechter vast dat de rechtbank ten onrechte bepaalde beroepsgronden over de verbreding van het wegprofiel onbesproken heeft gelaten. Het college heeft de belangenafweging zorgvuldig gemaakt en het belang van de herinrichting zwaarder gewogen dan het behoud van de bomen. Het hoger beroep van de bomenstichting is gegrond verklaard, het incidenteel hoger beroep van het college ongegrond en het beroep tegen het herroepingsbesluit van 2 februari 2024 ongegrond. Het college is veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep van de Utrechtse Bomenstichting is gegrond verklaard en het besluit van het college deels vernietigd, met proceskostenveroordeling.