ECLI:NL:RVS:2024:851
Raad van State
- Hoger beroep
- H.C.P. Venema
- B. Meijer
- M.M. Kaajan
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning huisvesting arbeidsmigranten op camping Maasvallei te Arcen
Het college van burgemeester en wethouders van Venlo verleende op 16 april 2019 een tijdelijke omgevingsvergunning aan Maasvallei Oost Invest BV voor het huisvesten van maximaal 340 arbeidsmigranten op camping Maasvallei te Arcen, geldig van 1 januari 2020 tot 1 januari 2025. Appellante, wonend nabij de camping, maakte bezwaar tegen deze vergunning vanwege mogelijke aantasting van haar woon- en leefomgeving.
De rechtbank Limburg verklaarde het beroep van appellante ongegrond, waarna zij hoger beroep instelde bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde dat het college voldoende inspanningen had verricht om het maatschappelijk draagvlak te vergroten en dat de vergunningverlening niet in strijd was met het bestemmingsplan, mede gezien de beleidsruimte die het college heeft bij het afwegen van belangen.
Appellante voerde onder meer aan dat de vergunning een onevenredige inbreuk op haar woon- en leefklimaat vormt, dat er sprake is van overtreding van vergunningvoorschriften en dat het vertrouwensbeginsel is geschonden. De Afdeling verwierp deze bezwaren, onder meer omdat de geluidsoverlast binnen wettelijke normen blijft, verkeersbewegingen beperkt zijn door busvervoer, en de belangenafweging door het college en rechtbank zorgvuldig is gemaakt. De Afdeling bevestigt daarmee het bestreden besluit en verklaart het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning wordt bevestigd.