ECLI:NL:RVS:2024:601
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering politieke overtuiging
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 12 oktober 2022 een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing op 9 mei 2023 ongegrond. De vreemdeling stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling verwijst naar haar eerdere uitspraak van 17 januari 2024 waarin werd vastgesteld dat de staatssecretaris onvoldoende inzichtelijk heeft gemaakt hoe zij het onderzoek en de beoordeling van een politieke overtuiging en de daaruit volgende vrees voor vervolging uitvoert. Dit betreft situaties waarin de vreemdeling deze politieke overtuiging in het land van herkomst niet heeft geuit en deze nog niet heeft geleid tot negatieve aandacht van vervolgingsactoren.
Hierdoor kan de bestuursrechter niet effectief toetsen of de besluiten zorgvuldig zijn voorbereid en gemotiveerd. De Afdeling verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt de uitspraak van de rechtbank en het besluit van 12 oktober 2022. De staatssecretaris moet een nieuw besluit nemen rekening houdend met de actuele feiten en omstandigheden. De staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het besluit van de staatssecretaris tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel is vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor een nieuw besluit.