ECLI:NL:RVS:2024:5106
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Weigering ontheffing parkeerverbod voor autobedrijf in Den Haag bevestigd
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag legde een last onder dwangsom op aan een autobedrijf wegens overtreding van het parkeerverbod in artikel 5:2 van Pro de Algemene plaatselijke verordening (APV). Het bedrijf verzocht om ontheffing van dit verbod, welke door het college werd afgewezen. Na diverse procedures vernietigde de rechtbank het eerdere besluit, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vernietigde dit weer deels en gaf het college opdracht een nieuw besluit te nemen.
Het college nam vervolgens een nieuw besluit op bezwaar, waarbij het verzoek om ontheffing opnieuw werd afgewezen met een gewijzigde motivering gebaseerd op een advies van de wegbeheerder. De Afdeling oordeelt dat het college terecht het verzoek heeft geweigerd omdat het parkeerverbod bedoeld is om privatisering van de openbare ruimte te voorkomen en de openbare parkeerruimte beschikbaar te houden voor algemeen gebruik.
Het college heeft daarbij terecht meegewogen dat het bedrijf over voldoende parkeerruimte op eigen terrein beschikt en dat het verlenen van ontheffing tot een oneerlijke verdeling van de schaarse parkeerruimte in het gebied zou leiden. Het beroep van het bedrijf wordt ongegrond verklaard en het college hoeft geen proceskosten te betalen.
Uitkomst: Het beroep van het autobedrijf tegen de weigering van ontheffing van het parkeerverbod wordt ongegrond verklaard.