ECLI:NL:RVS:2024:4271
Raad van State
- Hoger beroep
- R. Uylenburg
- C.H. Bangma
- A.B. Blomberg
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaard hoger beroep tegen last onder dwangsom voor zandopslag in strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Losser legde appellant op 16 februari 2021 een last onder dwangsom op om een zandopslag op agrarische grond te verwijderen, omdat dit in strijd zou zijn met het bestemmingsplan "Buitengebied" en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Appellant voerde aan dat de opslag inherent was aan vergunde egaliseringswerkzaamheden en dat er geen sprake was van een overtreding.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant gegrond vanwege onvoldoende motivering van de hoogte van de dwangsom, maar oordeelde dat het college bevoegd was tot handhaving. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het hoger beroep behandeld en geoordeeld dat de opslag van zand niet valt onder de vergunde werkzaamheden en dat het gebruik van het perceel voor zandopslag in strijd is met de bestemming "Agrarisch - 1". Ook is het ophogen van de grond zonder vergunning een overtreding.
De Afdeling concludeert dat het college terecht handhavend is opgetreden en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de last onder dwangsom blijft in stand.