ECLI:NL:RVS:2024:3605
Raad van State
- Herziening
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening uitspraak vreemdelingenrecht
Verzoekster heeft bij brief van 23 en 24 juni 2024 verzocht om herziening van de uitspraak van de Afdeling van 12 juni 2024 in een vreemdelingenzaak. Zij heeft nadere stukken ingediend ter onderbouwing van haar verzoek.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het verzoek beoordeeld op grond van artikel 8:119, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), waarin is bepaald dat herziening slechts mogelijk is bij feiten of omstandigheden die vóór de uitspraak hebben plaatsgevonden, die bij de verzoeker niet bekend waren en redelijkerwijs niet bekend konden zijn, en die bij de bestuursrechter tot een andere uitspraak zouden hebben kunnen leiden.
De Afdeling concludeert dat de door verzoekster aangevoerde redenen niet voldoen aan deze criteria. Het verzoek is in wezen een herhaling van haar onvrede over de eerdere uitspraak en de wijze waarop deze zonder zitting en met een verkorte motivering is gedaan. Dit is echter geen grond voor herziening.
De Afdeling verwijst naar eerdere uitspraken waarin is toegelicht dat in hoger beroep in vreemdelingenzaken zonder zitting en met verkorte motivering kan worden beslist. Daarom wijst de Afdeling het verzoek om herziening af en bepaalt dat de proceskosten niet worden vergoed.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van de uitspraak van 12 juni 2024 wordt afgewezen.