ECLI:NL:RVS:2024:356
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- M. Soffers
- J. Schipper-Spanninga
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering tewerkstellingsvergunning zelfstandige kennismigrant kort verblijf
Appellante, Warner Bros. Entertainment Nederland B.V., vroeg een tewerkstellingsvergunning (twv) aan voor een zelfstandige jurylid met een overeenkomst van opdracht op grond van de regeling 'Kort verblijf kennismigranten'. De Raad van bestuur van het UWV verleende de twv echter op basis van de regeling 'Afwijking van verplichte vacaturemelding', omdat zelfstandigen volgens hem geen twv kunnen krijgen onder de regeling 'Kort verblijf kennismigranten'.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en de Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt dit oordeel. De Afdeling legt uit dat de regeling vereist dat kennismigranten arbeid verrichten op basis van een arbeidsovereenkomst of ambtelijke aanstelling, wat zelfstandigen niet doen. Dit volgt uit de tekst van artikel 1d van het Besluit uitvoering Wet arbeid vreemdelingen 2014 en de toelichting daarbij.
Appellante stelde dat het gelijkheidsbeginsel was geschonden omdat eerdere twv's voor zelfstandigen onder deze regeling waren verleend, maar de Afdeling oordeelt dat dit het gevolg is van ambtelijke misslagen en dat het bestuursorgaan niet verplicht is fouten te herhalen. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de tewerkstellingsvergunning aan zelfstandige kennismigrant bevestigd.