ECLI:NL:RVS:2024:3397
Raad van State
- Herziening
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening inzake schadevergoeding wegens gesubsidieerde rechtsbijstand
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft op 21 augustus 2024 het verzoek om herziening van een eerdere uitspraak afgewezen. Het verzoek betrof een zaak waarin de verzoeker schadevergoeding vorderde wegens een besluit van 25 april 2008 waarbij een verzoek om herziening van een afwijzing van een aanvraag om gesubsidieerde rechtsbijstand buiten behandeling is gesteld.
De Afdeling stelde vast dat het verzoek om herziening niet voldeed aan de cumulatieve criteria van artikel 8:119, eerste lid, Awb. De verzoeker bracht geen nieuwe feiten of omstandigheden aan die voor de eerdere uitspraak niet bekend waren en die tot een andere uitspraak zouden kunnen leiden. Daarnaast was het verzoek niet bedoeld om het geschil opnieuw aan de rechter voor te leggen.
De verzoeker voerde aan dat de raad onrechtmatig had gehandeld door toevoegingen toe te kennen zonder dat hij deze had aangevraagd, en dat de bewijslast omgekeerd moest worden. Dit betoog werd verworpen omdat het verzoek niet de juiste procedure was om deze gronden opnieuw te laten beoordelen.
De Afdeling zag ook geen reden om de zaak aan te houden of door een meervoudige kamer te laten behandelen. Het verzoek werd derhalve afgewezen en de raad hoefde geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het verzoek om herziening wordt afgewezen omdat niet is voldaan aan de voorwaarden van artikel 8:119 Awb.