ECLI:NL:RVS:2024:336
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering politieke overtuiging
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 24 augustus 2021 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond bij uitspraak van 5 oktober 2022. De vreemdeling stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling verwijst naar een eerdere uitspraak (ECLI:NL:RVS:2024:63) waarin werd vastgesteld dat de staatssecretaris onvoldoende inzichtelijk maakt hoe het onderzoek en de beoordeling van een politieke overtuiging en de daaruit volgende vrees voor vervolging plaatsvinden, vooral wanneer de vreemdeling deze overtuiging niet in het land van herkomst heeft geuit en nog geen negatieve aandacht heeft gehad.
Hierdoor is toetsing door de bestuursrechter niet effectief mogelijk. De Afdeling verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt de uitspraak van de rechtbank en het besluit van de staatssecretaris. De staatssecretaris moet een nieuw besluit nemen rekening houdend met de actuele feiten en omstandigheden. Tevens wordt de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van € 2.625,00.
Uitkomst: Het besluit van de staatssecretaris tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor een nieuw besluit.