ECLI:NL:RVS:2024:3152
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Schipper-Spanninga
- Rechtspraak.nl
Bevestiging inreisverbod van tien jaar wegens ernstige bedreiging samenleving
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid vaardigde op 11 november 2021 een inreisverbod uit tegen de vreemdeling voor de duur van tien jaar. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 5 april 2023 het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het hoger beroep behandeld en geoordeeld dat de rechtbank terecht heeft vastgesteld dat de minister zich deugdelijk heeft gemotiveerd. De minister stelde dat de vreemdeling een werkelijke, actuele en voldoende ernstige bedreiging vormt die een fundamenteel belang van de samenleving aantast.
De Raad van State bevestigt dat het algemene belang van de Nederlandse overheid zwaarder weegt dan de persoonlijke belangen van de vreemdeling. Het hogerberoepschrift bevatte geen vragen die in het belang zijn van rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming, zodat geen nadere motivering vereist is.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het tienjarige inreisverbod tegen de vreemdeling wordt bevestigd en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.