ECLI:NL:RVS:2024:3133
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens motiveringsgebrek
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 10 maart 2023 de aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde dat een nieuw besluit moet worden genomen met inachtneming van de uitspraak.
De minister stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Raad van State oordeelde dat het hoger beroep ongegrond is omdat het motiverings- of zorgvuldigheidsgebrek dat de rechtbank constateerde eenvoudig kan worden hersteld. Het hogerberoepschrift bevatte geen vragen van belang voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming.
De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en veroordeelde de minister tot vergoeding van de proceskosten van € 875,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De uitspraak werd in het openbaar gedaan op 31 juli 2024.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.