ECLI:NL:RVS:2024:2444
Raad van State
- Rechtspraak.nl
Beperking inzage vertrouwelijk stuk wegens bescherming nationale veiligheid
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Noord-Holland die de intrekking van zijn verklaring van geen bezwaar op veiligheidsmachtigingsniveau B handhaafde. De minister van Defensie overlegt een vertrouwelijk stuk en verzoekt op grond van artikel 8:29 Awb Pro dat alleen de Afdeling bestuursrechtspraak hiervan kennis mag nemen.
Appellant stelt dat hij inzage in het stuk moet krijgen om een eerlijk proces te kunnen voeren, omdat hij niet weet op welke feiten de intrekking is gebaseerd. De Afdeling weegt het belang van een eerlijk proces af tegen het belang van bescherming van de nationale veiligheid.
De Afdeling oordeelt dat het belang van de bescherming van de nationale veiligheid zwaarder weegt dan het belang van appellant om het stuk in te zien. De toelichting bevat informatie over de werkwijzen van de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD) en het bekend worden hiervan kan lopende onderzoeken schaden en de nationale veiligheid in gevaar brengen.
De Afdeling wijst het verzoek van de minister toe en beperkt de kennisneming tot de Afdeling zelf. Appellant kan in de bodemprocedure vragen stellen over de reden van intrekking van zijn verklaring. De Afdeling acht hiermee voldoende waarborgen aanwezig voor een eerlijk proces.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak wijst het verzoek toe om alleen de Afdeling kennis te laten nemen van het vertrouwelijke stuk ter bescherming van de nationale veiligheid.