ECLI:NL:RVS:2024:2049
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing handhavingsverzoek bouwactiviteiten op voormalig bedrijfsterrein in Goirle
Het college van burgemeester en wethouders van Goirle wees op 9 november 2021 het verzoek van appellant af om handhavend op te treden tegen bouwactiviteiten op het voormalige Van Besouw-terrein. Appellant stelde dat de werkzaamheden niet passen bij de toen geldende bedrijfsbestemming en dat er geen vergunning was aangevraagd voor bouwputten en de aanleg van een ontsluitingsweg.
Na gedeeltelijke herziening van het besluit door het college en een ongegrondverklaring van het beroep door de rechtbank, stelde appellant hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het inmiddels onherroepelijke bestemmingsplan het terrein bestemd heeft tot woongebied, waardoor de bouwactiviteiten zijn toegestaan. Ook was geen omgevingsvergunning vereist voor de werkzaamheden.
De Afdeling verwierp het betoog van appellant en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en het besluit van het college blijft in stand.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en het besluit van het college om het handhavingsverzoek af te wijzen wordt bevestigd.