ECLI:NL:RVS:2024:1502
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing omgevingsvergunning voor garagebouw nabij perceelsgrens
Het college van burgemeester en wethouders van Sittard-Geleen verleende op 22 april 2020 een omgevingsvergunning voor de bouw van een garage aan een perceel in Sittard. De vergunning werd aangevraagd na een handhavingsverzoek van de appellant, die bezwaar maakte tegen de vergunningverlening. De garage is gebouwd in een heuvelachtig terrein waarbij een deel van het talud is afgegraven, waardoor de garage verdiept ligt.
De appellant stelde onder meer dat de vergunning onzorgvuldig was verleend, dat er sprake was van een evidente privaatrechtelijke belemmering, dat het groene karakter van de omgeving werd aangetast, en dat zijn woon- en leefklimaat negatief werd beïnvloed. Daarnaast maakte hij bezwaar tegen mogelijke wateroverlast en waardedaling van zijn woning.
De Raad van State oordeelde dat de vergunning terecht was verleend op grond van de Wabo en het Bor, waarbij afwijking van het bestemmingsplan mogelijk is. De vermeende privaatrechtelijke belemmering werd niet als evident beoordeeld en kan worden weggenomen met maatregelen zoals ondoorzichtig folie. Het groene karakter wordt voldoende beschermd door de aan de vergunning verbonden voorwaarden en de ligging van de garage in het talud. De aantasting van woon- en leefklimaat is aanvaardbaar binnen een woonwijk en wordt beperkt door maatregelen zoals folie op ramen en een haag.
Ook de vrees voor wateroverlast werd ongegrond verklaard, mede door de constructie van het dak en de afwatering. De appellant kon geen voldoende onderbouwing leveren voor een significante waardedaling van zijn woning. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning blijft in stand.