ECLI:NL:RVS:2023:784
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdheid Raad van State tot kennisneming hoger beroep tegen voortduren bewaring vreemdeling
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde de vreemdeling bij besluit van 14 december 2022 in bewaring. De rechtbank verklaarde op 9 januari 2023 het beroep van de vreemdeling tegen het voortduren van deze bewaring ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. De vreemdeling stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat op grond van artikel 84 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 tegen het voortduren van de bewaring geen hoger beroep openstaat. Het hoger beroep kon alleen in behandeling worden genomen indien sprake was van een schending van het recht op een eerlijk proces, hetgeen niet het geval was.
Daarom verklaarde de Afdeling zich onbevoegd kennis te nemen van het hoger beroep. Tevens werd bepaald dat de staatssecretaris geen proceskosten hoeft te vergoeden. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer onder leiding van lid H.G. Sevenster op 27 februari 2023.
Uitkomst: De Raad van State verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het hoger beroep tegen het voortduren van de bewaring van de vreemdeling.