ECLI:NL:RVS:2023:765
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard tegen vrijheidsontnemende maatregel vreemdelingen
Bij besluiten van 15 november 2022 legde de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aan twee vreemdelingen een vrijheidsontnemende maatregel op. De vreemdelingen stelden beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 17 januari 2023 hun beroepen ongegrond verklaarde en verzoeken om schadevergoeding afwees.
Tegen deze uitspraak stelden de vreemdelingen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Tijdens de behandeling bleek dat het hoger beroep niet was gemotiveerd; de vreemdelingen gaven geen inhoudelijke gronden aan waarom de uitspraak van de rechtbank onjuist zou zijn.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde daarom dat het hoger beroep niet-ontvankelijk is en dat de staatssecretaris geen proceskosten hoeft te vergoeden. Hiermee is het besluit van de rechtbank ongewijzigd gebleven.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdelingen wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een gemotiveerd beroepschrift.