ECLI:NL:RVS:2023:4651
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering omgevingsvergunning voor schutting in beschermd dorpsgezicht Bergen
Appellant heeft na verbouwing van zijn woning een 2 meter hoge schutting geplaatst op een perceel in Bergen, gelegen binnen een beschermd dorpsgezicht en op gronden met bestemmingen 'Groen', 'Tuin', 'Waarde Cultuurhistorie' en 'Waarde Archeologie'. Het college weigerde een omgevingsvergunning voor legalisatie omdat de schutting in strijd is met het bestemmingsplan en de gemeentelijke beleidsregels voor erfafscheidingen bij hoekpercelen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State. Appellant voerde aan dat het perceel geen hoekperceel is en dat de beleidsregels onjuist zijn toegepast. Ook stelde hij dat de schutting niet onaanvaardbaar afbreuk doet aan de ruimtelijke kwaliteit en dat er sprake is van bijzondere omstandigheden die afwijking van de beleidsregels rechtvaardigen.
De Raad van State oordeelt dat het college terecht het perceel als hoekperceel kwalificeerde, dat de schutting deels vóór het verlengde van de achtergevel is geplaatst en hoger is dan één meter, waardoor de beleidsregels niet worden nageleefd. De stelling dat het fietspad geen weg is, wordt verworpen. Ook is onvoldoende gebleken van bijzondere omstandigheden die een afwijking van de beleidsregels rechtvaardigen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de omgevingsvergunning bevestigd.