Uitspraak
Datum uitspraak: 6 december 2023
BESTUURSRECHTSPRAAK
voorzitter
Raad van State
Appellant is sinds 1985 eigenaar van een perceel in Heeze en vordert een tegemoetkoming in planschade vanwege het bestemmingsplan 'De Bulders' uit 2017, dat nieuwe woningbouw en een randweg mogelijk maakt nabij haar perceel. Het college wees het verzoek aanvankelijk af, maar kende later een beperkte tegemoetkoming toe. Appellant betwistte de hoogte hiervan en stelde dat de schade door geluid, trillingen, privacyverlies en waardevermindering groter is.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het beroep behandeld en oordeelde dat het college het onafhankelijke advies van SAOZ ten onrechte heeft gevolgd waar het de geluidshinder en het planologisch nadeel onderschatte. Gloudemans' second opinion toonde een hogere schade aan, maar de Afdeling vond dat het bedrag van ruim 10% van de perceelswaarde te hoog was. De Afdeling stelde daarom de tegemoetkoming ex aequo et bono vast op €30.000, vermeerderd met wettelijke rente.
De Afdeling verwierp de overige bezwaren van appellant, zoals de vergelijking met een andere planschadezaak en de bewering dat de SAOZ de privacy- en luchtkwaliteitsaspecten onvoldoende had onderzocht. Het college werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten en griffierecht. Hiermee is het geschil definitief beslecht.
Uitkomst: De tegemoetkoming in planschade wordt vastgesteld op €30.000, vermeerderd met wettelijke rente.