ECLI:NL:RVS:2023:448
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens geen risico indirect refoulement bij overdracht aan Denemarken
De vreemdeling heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om haar asielaanvraag niet in behandeling te nemen. De rechtbank had dit beroep ongegrond verklaard. De vreemdeling voerde aan dat het verschil in beschermingsbeleid tussen Nederland en Denemarken een risico op indirect refoulement oplevert.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwoog dat de situatie van de vreemdeling verschilt van eerdere uitspraken over het beschermingsbeleid, omdat zij in Denemarken een afgeleide verblijfsvergunning had die kan worden verlengd en de Deense autoriteiten internationale verplichtingen zullen respecteren. Hierdoor is het niet aannemelijk dat zij een risico loopt op indirect refoulement.
De grief van de vreemdeling faalt en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en de staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.